Geheime film


Gepubliceerd in De Standaard - 18 februari 2026

Op mijn USB-stick staat het originele bestand van de Iraanse film My favourite cake. Ik heb het vorige week gekregen van Lili Farhadpour, die ik in Berlijn leerde kennen. Twee jaar geleden stond Lili op de rode loper van de Berlinale toen de film hier in première ging. “Maar noem mij geen actrice. In de eerste plaats ben ik journalist, dan schrijver, en dan pas actrice.”

De film werd in het geheim gedraaid. De regisseurs mochten niet naar het filmfestival komen, en hoofdrolspeler Lili wist pas op het laatste moment dat ze toch naar hier kon vliegen. Je weet nooit wat ze in Iran met je kunnen doen: je oppakken, je executeren, je paspoort afnemen, je in de gevangenis gooien, je huisarrest geven, of je toch laten gaan.


Het is baanbrekend dat wij hier samen naar een film kunnen kijken van een vrouw die in haar keuken danst: “Woman, Life, Freedom”


Lili Farhadpour was de eerste Iraanse actrice die na de protesten in een film te zien was als hoofdrolspeler zonder hoofddoek. Ook danst ze met een man. En staat er een glas wijn op tafel. “Ik wou nooit actrice zijn. Maar ze vonden niemand die de hoofdrol durfde te spelen. Dus heb ik ja gezegd. Als feministisch statement.” In België ken ik honderden vrouwen die actrice willen worden. Die uitleg heb ik nog nooit gehoord.

Lili geeft mij een digitale kopie van de film en dat voelt zo kostbaar. “In Iran heeft iedereen hem gezien. Hij was verboden, maar dat leverde alleen meer kijkers op! Zelfs de gevangenisbewakers herkenden mij!”, lacht ze.

Voor de rechtbank van Teheran werd Lili aangeklaagd voor alles wat het Iraanse Regime kon verzinnen: propaganda, schending van moraal, breken van de regels. Lili zocht verzen in de Koran die konden bewijzen dat ze als oudere vrouw geen hoofddoek meer moest dragen. De rechter liet haar veel borg betalen. “Nu moet ik drie jaar braaf zijn”, knipoogt ze naar mij.

Eigenlijk is de film heel braaf. Je zou denken dat het over politiek gaat. Maar My favourite cake is een romantische komedie. Het gaat over een vrouw van zeventig, die in de grote stad woont, en alleen is. Ze zou zo graag een man liefhebben, maar ze weet niet waar ze hem kan vinden. Dus beslist ze een eenzame taxichauffeur aan te spreken en een taart voor hem te bakken.

‘s Avonds organiseer ik een kleine filmvertoning met popcorn. Lili heeft de jurk aan die ze in de laatste scène van de film draagt. Ik moet vaak lachen, en dan kijk ik naar achteren, en zie ik Lili blinken. “Ik kijk niet echt naar de film, ik kijk naar jullie gezichten”, zegt ze. En voor mij vat dat alles samen. Het is baanbrekend dat wij hier samen naar een film kunnen kijken van een vrouw die in haar keuken danst. Woman, Life, Freedom. Het is schokkend en realistisch tegelijkertijd.

‘Ik ga aush voor je maken’, zegt Lili tegen mij. Ze toont een foto van een stevige wintersoep. Vorige week maakte ik vol-au-vent met witloofsalade voor haar. We zijn vrienden geworden in de korte tijd dat we hier samen in Berlijn waren. We leerden elkaar kennen in een huis dat schrijvers van over de hele wereld herbergt. Zij zal hier een jaar blijven, ik vertrek bijna. Vlak voor middernacht drinken we een glas wijn. “Wat is je lievelingslied, Lili?” In een zwaar Vlaams en Farsi-accent zingen we ‘The Road To Hell pt. 2’ van Chris Rea. We schateren het uit.